Van surfplank naar boot: je zwembroek aan de Kroatische kust
Vier vrienden, een gehuurde boot en een surfschool die net buiten de baai zit: zo begint de dag aan de Kroatische kust. Iedereen heeft zijn eigen zwembroek meegenomen, maar niet elke broek is gemaakt voor een dag die zo heen en weer springt tussen water, dek en strand. Tegen tienen ligt de surfplank al in het water. De rest van de groep bungelt intussen met de benen over de rand van de boot, wachtend op hun beurt.
Het water op met de surfplank
Hij trekt zijn zwembroek aan met een binnenvoering van mesh die extra ondersteuning geeft. Het polyamide-elastaan materiaal zit als een tweede huid en heeft stretch. Een paar keer slaat hij languit in het water, meer dan eens zelfs expres, gewoon om te voelen hoe koud het water nog is zo vroeg in het seizoen. De instructeur roept aanwijzingen vanaf zijn eigen plank, iets over houding en waar je moet kijken. Na een uur oefenen staat hij voor het eerst drie seconden overeind op de plank.
Terug aan boord, tussen de lessen door
Op de boot stelt hij het trekkoord van zijn zwembroek wat strakker af, nu hij niet meer aan het surfen is maar gewoon op het dek zit te drogen. De stof is sneldrogend. In de steekzak zit een sleutel van het appartement en wat kleingeld voor als ze straks ergens aanleggen. De schipper vertelt ondertussen over een baai verderop waar het water rustiger is. Iemand anders springt overboord om wat te zwemmen terwijl ze wachten tot de motor weer aanslaat.
Aanmeren bij een rustige baai
Ze leggen aan bij een inham met wit gesteente en een paar andere boten die er al liggen. Hij springt van de boot af, zwembroek nog nat van de vorige surfpoging, met een tailleband die niet knelt. Een vriend duikt van de boeg, een ander probeert op de surfplank te blijven staan terwijl hij een foto maakt met zijn telefoon boven zijn hoofd. De zon staat hoog en het water is van dat heldere blauw dat alleen hier lijkt voor te komen. Even later liggen ze allemaal plat op het dek, armen over hun ogen tegen het licht.
Een broodje aan dek
Tegen het middaguur haalt de schipper een koelbox tevoorschijn met broodjes en koud water. Hij zit met zijn rug tegen de reling, de afsluitbare achterzak van zijn zwembroek dichtgeritst met zijn telefoon erin. Een vriend vertelt over een surftrip die hij ooit maakte, een ander luistert half en kijkt naar de kustlijn die in de verte wegloopt. De boot deint zachtjes mee met de golfslag van een passerend jacht. Niemand heeft haast om verder te varen.
Het strand als laatste stop
Aan het einde van de middag zet de schipper ze af bij een kiezelstrand waar de rest van de vakantiegroep al ligt. Hij wisselt zijn natte zwembroek om voor een shirt van Tencel met een ronde hals, een stof die vier keer meer vocht opneemt dan katoen en kreukbestendig is. De rechte, nauwsluitende snit past bij het minimalistische design terwijl hij tussen de strandstoelen door loopt op zoek naar een plekje in de schaduw. Iemand trekt alvast een fles wijn open die ze eerder die dag in het dorp hebben gekocht. De surfplank staat intussen tegen een boom, nog nat, wachtend op morgen.